Nieuwe indicatoren voor het voorschrijven van PPI

2024.172

 

Op 16 december 2024 is een bericht in het Staatsblad gepubliceerd dat twee indicatoren voor het voorschrijven van PPI door huisartsen invoert. De indicatoren die door de NRKP vastgesteld werden, treden onmiddellijk in voege.

Huisartsen zullen er kortelings een schrijven over ontvangen waaruit zij kunnen afleiden waar ze zich situeren t.o.v. deze indicatoren in de periode vóór de publicatie ervan.

Een jaar later wordt die oefening nog eens herhaald. Voorschrijvers die de twee indicatoren overschrijden kunnen dan naar een individuele verantwoording gevraagd worden.

De eerste indicator peilt naar de prevalentie van patiënten die bij de voorschrijver behandeld worden met een PPI. Indien bij een bepaalde voorschrijver deze prevalentie verhoogd is, dan kan dit een aanwijzing zijn voor een minder nauwkeurige indicatiestelling.

De NKRP heeft het percentage patiënten met een voorschrift voor een PPI ten opzichte van het totale aantal patiënten met minstens één voorschrift voor een farmaceutische specialiteit vastgelegd op maximum 25 %.

(Patiënten PPI  :  Patiënten R /)  ≤ 25 %

waarbij:

Patiënten PPI = totaal aantal patiënten met een voorschrift voor een terugbetaalde PPI

Patiënten R/ = totaal aantal patiënten met minstens één voorschrift voor een terugbetaalde farmaceutische specialiteit

 

De tweede indicator is een maat voor de gemiddelde behandelingsduur met PPI. Indien de voorschrijver hoog scoort op deze indicator dan kan dit wijzen op het onnodig verderzetten van de PPI-behandeling. Ook het overmatig voorschrijven van PPI met dubbele sterkte verhoogt deze indicator.

De NRKP heeft het totale aantal DDD aan voorgeschreven PPI ten opzichte van het totale aantal patiënten met een voorschrift voor een PPI vastgelegd op maximum 90 DDD.

(DDD PPI :   Patiënten PPI)  ≤ 90 DDD 

 waarbij:

DDD PPI = totaal aantal DDD aan voorgeschreven en terugbetaalde PPI

Patiënten PPI = totaal aantal patiënten met een voorschrift voor een terugbetaalde PPI

 

In de pdf als bijlage vindt u de integrale tekst van het op 16 december 2024 gepubliceerde bericht. 

Reactie toevoegen

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
CAPTCHA
asgb omgekeerd
Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.
2026.096

Nieuw rapport van de Commissie voor Gezondheidszorgdoelstellingen

 

Begin 2025 werd in de schoot van het RIZIV een zgn. Commissie voor Gezondheidszorgdoelstellingen (GDOS) opgericht.

Die commissie waarin de zorgverleners (en zeker de artsen) zwaar in de minderheid zijn en bovendien geen stemrecht hebben, heeft de taak om de regering te adviseren over wat er prioritair is op het vlak van de gezondheidszorg.

2026.095

RIZIV-premie voor verpleegkundige in huisartsenpraktijk: wat is nieuw vanaf 2026?

 

Twee jaar geleden, in 2024, werd er vanuit de Medicomut een bijkomende ondersteuning (naast en los van het al eerder bestaande Impulseo) ingevoerd voor huisartsenpraktijken die met een verpleegkundige werken.

Het ging toen om twee afzonderlijke premies, de ene tegemoetkoming voor zorgcontinuïteit genoemd en bedoeld voor ‘eerste aanwervingen’, de andere tegemoetkoming voor praktijkbeheer genoemd en bedoeld voor praktijken die al langer met verpleegkundigen werkten. 

2026.094

Nieuwe wet geeft IMA meer macht om fraude op te sporen

 

Op 11 augustus 2026 werd een wet diverse gezondheidsbepalingen in het Staatsblad gepubliceerd.

Met ‘divers’ heeft deze wet van 20 juli 2026 haar naam niet gestolen want ze behandelt een beetje van alles, onder meer inzake geneesmiddelen, elektronisch voorschrijven, enz. Zie hiervoor het bijgevoegd overzicht uit de nota CGV2026-172.

De belangrijkste topic heeft echter betrekking op het uitbreiden van de bevoegdheden van het InterMutualistisch Agentschap inzake het bestrijden van fraude.