Aanvragen telematicapremie 2018 mogelijk vanaf 13 december 2019

ASGB-BERICHT 2019.146

 

In het BS van 9/12/2019 verscheen het lang verwachte KB i.v.m. de geïntegreerde praktijkpremie voor huisartsen 2018.

We gaan geen woorden meer vuil maken aan de schandalig lange periode van uitstel.

Vanaf 13 december 2019 kunt u uw aanvraag indienen. De aanvraagtermijn loopt t/m 08/03/2020.

Hoe vraag ik de geïntegreerde praktijkpremie aan voor het jaar 2018?

De premie moet individueel elektronisch aangevraagd worden.

1. surf naar www.myriziv.be  

2. Klik op 'mijn premieaanvragen'

3. klik op 'nieuwe aanvraag'

4. volg verder de instructies.

5. u krijgt online feedback over uw individuele score en u verneemt het bedrag waarop u volgens het RIZIV recht hebt.

6. u kunt dit accepteren of online betwisten.

N.B. wie geen gehomologeerde software gebruikt, maar wel recht heeft op de de basispremie van 1000 euro, moet dit actief zelf schriftelijk aanvragen met het aanvraagformulier 2018. Het wordt NIET automatisch gestort!

Alle inlichtingen op de website van het RIZIV via deze link.

 

FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID

24 NOVEMBER 2019. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 juni 2017 tot bepaling van de voorwaarden en de modaliteiten overeenkomstig dewelke de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen een financiële tegemoetkoming verleent aan de huisartsen voor gebruik van telematica en het elektronisch beheer van de medische dossiers

FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, artikel 36sexies, ingevoegd bij de wet van 22 augustus 2002 en gewijzigd bij de wet van 22 december 2003;
Gelet op het koninklijk besluit van 30 juni 2017 tot bepaling van de voorwaarden en de modaliteiten overeenkomstig dewelke de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen een financiële tegemoetkoming verleent aan de huisartsen voor gebruik van telematica en het elektronisch beheer van de medische dossiers en gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018;
Gelet op het voorstel van de Nationale Commissie artsen-ziekenfondsen, gedaan op 3 december 2018;
Gelet op het advies van de Commissie voor begrotingscontrole, gegeven op 13 maart 2019;
Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging, gegeven op 18 maart 2019;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 27 juni 2019;
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 20 september 2019;
Gelet op advies 66.617/2 van de Raad van State, gegeven op 24 oktober 2019, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 30 juni 2017 tot bepaling van de voorwaarden en de modaliteiten overeenkomstig dewelke de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen een financiële tegemoetkoming verleent aan de huisartsen voor gebruik van telematica en het elektronisch beheer van de medische dossiers, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, worden 14° en 15° ingevoegd, luidende:
"14° medicatieschema: het medicatieschema bundelt gestandaardiseerde informatie over de actieve medicatie van een patiënt: de voorgeschreven en niet-voorgeschreven geneesmiddelen, hun posologie, hun indicatie, relevante gebruiksaanwijzingen en eventuele bijkomende informatie. Via de regionale gezondheidsnetwerken krijgen zorgverleners toegang tot deze informatie;
15° CEBAM evidence linker (via login): het elektronisch dossierondersteunend systeem, bereikbaar vanuit het Elektronisch Medisch Patiëntendossier, dat online de relevante klinische richtlijnen aanbiedt, uitgewerkt door het Belgisch Centrum voor Evidence Based Medicine;"
Art. 2. In artikel 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, worden de paragrafen 2/2 en 2/3 ingevoegd, luidende:
" § 2/2. In het premiejaar 2018 moet de in § 1. bedoelde huisarts minstens 6 van volgende gebruiksdrempels bereiken:
1° De huisarts maakt gebruik van de dienst Recip-e voor het elektronisch voorschrijven van geneesmiddelen, waarbij hij in het tweede semester 2018 minstens 25 % van zijn geneesmiddelenvoorschriften verstuurd heeft via Recip-e. Voor de berekening van dit percentage wordt enkel rekening gehouden met voorschriften voor de door de verzekering voor geneeskundige verzorging terugbetaalde geneesmiddelen;
2° De huisarts maakt gebruik van de dienst MyCarenet voor het elektronisch aanvragen van de terugbetaling van geneesmiddelen hoofdstuk IV, waarbij hij in het tweede semester 2018 minstens 50 % van de bedoelde aanvragen heeft ingediend via MyCarenet;
3° Voor de facturatie van de raadplegingen van de huisarts voor patiënten met recht op verhoogde tegemoetkoming wordt gebruik gemaakt van de dienst MyCarenet voor elektronische facturatie, waarbij in het tweede semester 2018 minstens 20 % van de bedoelde raadplegingen elektronisch gefactureerd zijn via MyCarenet;
4° De huisarts bevordert het beveiligd delen van de gezondheidsgegevens van zijn patiënten, waarbij op 31 december 2018 via het eHealth-platform een geïnformeerde toestemming is geregistreerd voor minstens 25% van de patiënten waarvoor hij in 2017 een GMD-honorarium heeft ontvangen;
5° De huisarts bevordert het beveiligd delen van de gezondheidsgegevens van zijn patiënten, waarbij op 31 december 2018 de verhouding tussen het aantal verschillende patiënten waarvoor hij een SUMEHR heeft opgeladen en het aantal patiënten waarvoor hij voor 2018 een GMD-honorarium heeft ontvangen, minstens 25% bedraagt;
6° De huisarts maakt in 2018 gebruik van de dienst MyCarenet voor het elektronisch beheer van het GMD-honorarium.
7° De huisarts creëert of past minstens 5 medicatieschema's aan tijdens het tweede semester van 2018;
8° De huisarts gebruikt minstens 5 keer de CEBAM evidence linker (via login) tijdens het tweede semester van 2018;
9° De huisarts dient minstens 5% van diens raadplegingsgetuigschriften in via de dienst "e-Attest" van MyCarenet tijdens het tweede semester van 2018;
10° De huisarts verstuurt in 2018 minstens 3 keer het elektronisch formulier "Evaluatie van de handicap - FOD Sociale Zekerheid" naar de FOD Sociale Zekerheid.
§ 2/3 Voor het premiejaar 2019 geldt het bepaalde in § 2/2, waarbij 2018 steeds als 2019 dient te worden gelezen."
Art. 3. In artikel 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, wordt een paragraaf 3/2 ingevoegd, luidende:
" § 3/2. Indien de in § 1. bedoelde huisarts niet voldoet aan de in § 2/2 vastgelegde voorwaarde en hij gedurende het volledige premiejaar deel uitmaakt van één enkele geregistreerde groepspraktijk, dan geldt als vervangende voorwaarde dat voor minstens 6 van de in § 2/2 bedoelde gebruiksindicatoren door hemzelf of gemiddeld door de groepspraktijk de in § 2/2 vastgelegde drempel is bereikt. Voor de berekening van deze gemiddelden wordt enkel rekening gehouden met de gebruiksgegevens van de huisartsen die gedurende het volledige premiejaar beschikten over een RIZIV-nummer voorbehouden voor de huisarts, deel uitmaakten van zijn groepspraktijk en die geen deel uitmaakten van een andere groepspraktijk, hijzelf inclusief."
Art. 4. In artikel 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, wordt een paragraaf 4 ingevoegd, luidende:
" § 4. Voor de huisarts die gedurende het premiejaar de forfaitgeneeskunde uitoefent in de zin van artikel 52 van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994, wordt geen rekening gehouden met de drempels 3°, 6° en 9° zoals geformuleerd in § 2/2. Deze uitsluiting wordt voor de toepassing van dit besluit aangerekend als het behalen van 1 drempel."
Art. 5. Artikel 6 § 1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2018 en 2019 bedraagt de jaarlijkse tegemoetkoming 3.500 EUR".
Art. 6. Artikel 6 § 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2018 en 2019 bedraagt de jaarlijkse tegemoetkoming 3.500 EUR".
Art. 7. In artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, wordt een paragraaf 3/2 ingevoegd, luidende:
" § 3/2. Het bedrag van de jaarlijkse tegemoetkoming voor 2018 en 2019 wordt verhoogd tot 4.500 EUR voor de in § 1. en § 2. bedoelde huisarts die in het premiejaar minstens 7 van de in artikel 5 § 2/2 vastgelegde gebruiksdrempels bereikt en tot 6.000 EUR voor deze huisarts die minstens 8 van de in artikel 5 § 2/2 vastgelegde gebruiksdrempels bereikt. Voor de huisarts die gedurende het volledige premiejaar deel uitmaakt van één enkele geregistreerde groepspraktijk, wordt voor de toekenning van dit verhoogde bedrag eveneens het in artikel 5, § 3/2 bedoelde berekeningsmechanisme toegepast;"
Art. 8. Artikel 7 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2018 en 2019 bedraagt de jaarlijkse tegemoetkoming 1.000 EUR".
Art. 9. In artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, worden de woorden "en 2017" vervangen door de woorden ", 2017, 2018 en 2019".
Art. 10. Artikel 9 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2018 en 2019 bedraagt de jaarlijkse tegemoetkoming 1.000 EUR".
Art. 11. Artikel 11 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met het volgende lid: "In uitzondering op het eerste lid, wordt de vervaltermijn waarbinnen de tegemoetkoming kan worden aangevraagd voor referentiejaar 2018 vastgelegd op 90 dagen na de bekendmaking van het koninklijk besluit van 24 november 2019 tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 juni 2017 tot bepaling van de voorwaarden en de modaliteiten overeenkomstig dewelke de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen een financiële tegemoetkoming verleent aan de huisartsen voor gebruik van telematica en het elektronisch beheer van de medische dossiers"
Art. 12. In artikel 13 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 6 juni 2018, worden de woorden "en § 3/1" vervangen door de woorden ", § 3/1 en § 3/2".
Art. 13. In artikel 15 van hetzelfde besluit worden de woorden "of zijn gemachtigde" ingevoegd tussen de woorden "van het RIZIV" en de woorden "voor welk bedrag".
Art. 14. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2018.
Art. 15. De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 24 november 2019.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,
M. DE BLOCK

ASGB-BERICHT

2020.166

 

 

PERSBERICHT : 15 september 2020

 

BVAS en Kartel willen deftig loon voor ASO ’s

 

In een gezamenlijke brief aan Pedro Facon (directeur-generaal FOD Volksgezondheid) roepen de BVAS en het Kartel op om artsen-specialisten in opleiding (ASO ‘s) een contract aan te bieden met een bruto maandloon van 3.782 euro voor het eerste jaar tot 6.243 euro voor het zevende jaar. Naast een deftig loon hebben ASO ’s ook recht op een behoorlijke wachtvergoeding en extra voordelen.

 

1
ASGB-BERICHT

2020.165

 

Op 25 juni keurde het parlement een budgetverhoging goed van 200 miljoen euro op jaarbasis, voor de geestelijke gezondheidszorg (GGZ).

0
ASGB-BERICHT

2020.169

 

Het gaat hier om een nieuwe commissie binnen het RIZIV die opgericht wordt ingevolge een wet van 13 februari 2020.

Deze commissie zal in de toekomst de Technische Farmaceutische Raad en de Technische raad voor diagnostische middelen en verzorgingsmiddelen vervangen.

Wij ontvingen de oproep om kandidaten vanuit het ASGB/Kartel voor te dragen.

Bij deze de vraag wie van onze leden hierin geïnteresseerd is.

U kunt het secretariaat contacteren op info@asgb.be

Graag reactie vóór 15 oktober.

1