elasting op uw aanvullend pensioen

ASGB-BERICHT

Belasting op uw aanvullend pensioen

 1. Bij opname vóór 60 jaar

Het kapitaal dat werd opgebouwd door patronale bijdragen, wordt volledig belast aan de marginale belastingvoet (meestal 50 procent). Hetzelfde geldt voor het kapitaal dat werd opgebouwd door persoonlijke bijdragen van vóór 1 januari 1993. Kapitaal opgebouwd door persoonlijke bijdragen van na die datum, worden aan 33 procent belast.

Wie zijn kapitaal te vroeg opneemt, wordt dus zwaar beboet.

2. Bij opname tussen 60 en 65 jaar

Er is 16,50 procent belasting op het kapitaal opgebouwd door patronale bijdragen en persoonlijke bijdragen van vóór 1 januari 1993.

Er is 10 procent belasting op het kapitaal opgebouwd door persoonlijke bijdragen van na 1 januari 1993. De winstdeelnames worden niet belast, maar zijn wel onderhevig aan de Riziv-inhoudingen (3,55%) en de solidariteitsbijdrage (2%).

Voorbeeld: Loontrekkende of zelfstandige ontvangt kapitaal van 125.000 euro + 25.000 euro winstdeelname.

·         Dat is dus 150.000 euro bij aanvang.

150.000 euro - 5.325 euro (3,55% Riziv-bijdrage) - 3.000 euro (2% solidariteitsbijdrage) = 141.675 euro

·         De winstdeelname van 25.000 euro is onderhevig aan de Riziv-inhouding en de solidariteitsbijdrage.

125.000 euro - 4.437,5 euro (3,55% Riziv-bijdrage) - 2.500 euro (2% solidariteitsbijdrage) = 118.062,50 euro

16,50 procent van 118.062,50 = 19.481 euro

·         Er wordt dus een saldo betaald van 141.675 - 19.481 = 122.194 euro. Er is ook nog een gemeentebelasting die de begunstigde zelf betaalt via zijn belastingaangifte.

3. Bij opname vanaf 65 jaar

En als de aangeslotene tot die leeftijd een beroepsbezigheid blijft uitoefenen, wordt het kapitaal aan 10 procent belast, voor zover het gaat om een groepsverzekering of een individuele pensioentoezegging (IPT). Voor dergelijke contracten moet u niet meer gepensioneerd zijn om een gunstige fiscaliteit (10 of 16,5 procent) te kunnen genieten.

In het vorige voorbeeld van 150.000 euro bij aanvang, zal een saldo van 129.868 euro in plaats van 122.194 euro worden uitbetaald. 

4. Met lijfrente

Als u het saldo omzet in een lijfrente, is de belasting 15 procent per jaar op 3 procent van het vestigingskapitaal.

2026.048

Nieuwe vergoedingsregels bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie

 

Op 4 mei 2026 werd een Ministerieel Besluit gepubliceerd i.v.m. de tegemoetkoming voor invasieve hulpmiddelen bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie.

Het besluit bevat criteria die gelden voor de verplegingsinrichting, voor de patiënt en voor het hulpmiddel zelf.

Daarnaast bevat het regels over de attestering en de aanvraagprocedure.

Het besluit is in voege getreden op 1 april 2026. 

In de pdf als bijlage bij dit bericht vindt u de tekst ervan. 

2026.047

Nieuwe nomenclatuur i.v.m. spirometrie en ergospirometrie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB met besparingsmaatregelen i.v.m. spirometrie en ergospirometrie gepubliceerd.

Aanleiding was de vaststelling door de DGEC van een reeks niet-conforme aanrekeningen en cumuls (waarover ook heel wat discussie bestond).

Het Kartel heeft de aandacht gevestigd op de onderwaardering van de ergospirometrie en vroeg daarvoor een beperkt bijkomend budget in de behoeftenfiches voor 2026 (zie wordfile als bijlage bij dit bericht). 

We werden daarin echter niet gevolgd door de andere partners.

 

2026.046

Gewijzigde toepassingsregel in de klinische biologie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB gepubliceerd over een gewijzigde toepassingsregel in de nomenclatuur klinische biologie die in voege zal treden op 1 juni 2026.

Het gaat om de schrapping van de verstrekking 552016-552020 uit het cumulverbod van de verstrekking 557314-557325.

  • * 552016 552020 Opzoeken van infectieuze agentia met een immunologische techniek
  • * 557314 557325 Opsporen van minstens het SARS-CoV-2 virus door middel van een techniek van moleculaire amplificatie