Derdebetaler mogelijk voor alle verstrekkingen

ASGB-BERICHT 2022.005
Icoon thema honorarium

Op 14 januari 2021 heeft het Riziv via een websitebericht (zie https://www.riziv.fgov.be/nl/nieuws/Paginas/derdebetalersregeling-mogelijk-alle-geneeskundige-verstrekkingen-januari-2022.aspx) bekend gemaakt dat het verbod op de derdebetaler afgeschaft werd met (retroactieve) ingang vanaf 1 januari 2022. Ook al zijn de wetswijzigingen daartoe (aanpassing van art. 53 §1 13de lid van de GVU-wet en aanpassing van het KB op derdebetaler van 18 sept 2015) nog niet in het Staatsblad gepubliceerd, toch mag u er, zo blijkt uit deze mededeling, al vanuit gaan dat deze opheffing een feit is.

Ten tijde van het verbod mocht u alleen de derdebetaler toepassen, wanneer die uitdrukkelijk toegelaten werd. Voortaan wordt het principe omgekeerd. U kunt de derdebetaler dus voor alle vestrekkingen gebruiken. Dit geldt zowel voor huisartsen als voor specialisten.

Indien u vrijwillig besluit om de derdebetaler toe te passen, zal dat wel als consequentie hebben, eens de wetteksten aangepast zijn, dat u verplicht wordt om de conventietarieven te respecteren, zelfs als u niet geconventioneerd zou zijn.

Het feit dat de derdebetaler voor alle verstrekkingen toegelaten wordt, impliceert ook dat u niet meer hoeft te rechtvaardigen dat en waarom u de derdebetaler toepast. Denk aan de vermeldingen van ‘griepvaccinatie’ of ‘financiële’ nood, die zijn niet meer nodig.

Voor huisartsen bestaan er al langer een aantal situaties waarin de toepassing van de derdebetaler verplicht is. Het gaat hier in de eerste plaats om de verplichte derdebetaler voor rechthebbenden op een verhoogde tegemoetkoming (ook sociale derdebetaler genoemd). Deze blijft gewoon bestaan, daar verandert niks aan. Het blijft hier m.a.w. om een verplichting gaan (en dus geen vrijwillige keuze). Idem bij de diabetespas wanneer de patiënt uitdrukkelijk om de toepassing van de derdebetaler verzoekt.

2026.048

Nieuwe vergoedingsregels bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie

 

Op 4 mei 2026 werd een Ministerieel Besluit gepubliceerd i.v.m. de tegemoetkoming voor invasieve hulpmiddelen bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie.

Het besluit bevat criteria die gelden voor de verplegingsinrichting, voor de patiënt en voor het hulpmiddel zelf.

Daarnaast bevat het regels over de attestering en de aanvraagprocedure.

Het besluit is in voege getreden op 1 april 2026. 

In de pdf als bijlage bij dit bericht vindt u de tekst ervan. 

2026.047

Nieuwe nomenclatuur i.v.m. spirometrie en ergospirometrie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB met besparingsmaatregelen i.v.m. spirometrie en ergospirometrie gepubliceerd.

Aanleiding was de vaststelling door de DGEC van een reeks niet-conforme aanrekeningen en cumuls (waarover ook heel wat discussie bestond).

Het Kartel heeft de aandacht gevestigd op de onderwaardering van de ergospirometrie en vroeg daarvoor een beperkt bijkomend budget in de behoeftenfiches voor 2026 (zie wordfile als bijlage bij dit bericht). 

We werden daarin echter niet gevolgd door de andere partners.

 

2026.046

Gewijzigde toepassingsregel in de klinische biologie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB gepubliceerd over een gewijzigde toepassingsregel in de nomenclatuur klinische biologie die in voege zal treden op 1 juni 2026.

Het gaat om de schrapping van de verstrekking 552016-552020 uit het cumulverbod van de verstrekking 557314-557325.

  • * 552016 552020 Opzoeken van infectieuze agentia met een immunologische techniek
  • * 557314 557325 Opsporen van minstens het SARS-CoV-2 virus door middel van een techniek van moleculaire amplificatie