Nomenclatuuraanpassingen in de ziekenhuizen in het kader van de COVID-crisis

ASGB-BERICHT 2020.068
coronascrabble

 

De voorbije weken was er intens e-overleg tussen de artsenvertegenwoordigers, de ziekenhuizen, de mutualiteiten en het Riziv.

Gezien de enorme impact van de COVID-19 crisis op de ziekenhuisactiviteit was er nood aan een aantal nomenclatuurmaatregelen, wat vandaag tot een beslissing geleid heeft.

Deze maatregelen komen naast het te verdelen thesaurievoorschot van 1 miljard dat door de regering voorzien werd om liquiditeitsproblemen het hoofd te kunnen bieden.

Ze betreffen de diensten spoedgevallen, intensieve zorg en de COVID-verpleegafdelingen.

Voor de spoedgevallen worden geen nieuwe maatregelen voorzien, de huidige nomenclatuur volstaat.

Voor de diensten intensieve zorg worden de tijdsbeperkingen voor een aantal verstrekkingen in artikel 13A en 13B opgeschort. Daarvoor worden zes nieuwe codes gecreëerd.

Deze nieuwe nummers mogen ook worden aangerekend in de opgeschaalde intensieve bedden die dagelijks aan de FOD moeten geregistreerd worden.

Tevens hadden wij gevraagd om ook de toezichthonoraria en de kunstmatige beademing te mogen aanrekenen in deze opgeschaalde bedden. Het Riziv zal ons hierover desgevallend nog bevestiging sturen.

Voor de verpleegafdelingen die als COVID-afdeling werden ingericht wordt een supplement op het gewone toezichthonorarium van € 28 per dag en per patiënt voorzien (597984: Bijkomend honorarium voor toezicht op de in een ziekenhuis opgenomen rechthebbende Covid-19-patiënt, per dag; C 20 of Nx = €28. Dit honorarium voor toezicht kan per patiënt en per dag slechts één keer gecumuleerd worden met het gebruikelijke honorarium voor toezicht, maar niet door dezelfde arts die reeds het gebruikelijke honorarium voor toezicht aanrekent. De verstrekking 597984 kan aangerekend worden door ‘een arts-specialist’, dus ongeacht de discipline. 

De nieuwe verstrekkingen zijn uitsluitend van toepassing op patiënten met bewezen COVID-19. Er wordt een nieuw pseudonomenclatuurnummer voorzien om deze patiënten te identificeren: 793800 - COVID-19-Patiënt (N 0).

A posteriori controle is mogelijk.

Er is geen remgeld op deze verstrekkingen.

De wijzigingen gaan retrograad in per 14 maart 2020 en duren tot wanneer het einde van deze crisis wordt afgekondigd.

Alle details vindt u op de website van het Riziv via deze link 

In de loop van deze week wordt nog verder e-overleg gepleegd.

We wensen bv. dat er een degelijke wachtvergoeding wordt voorzien voor de ASO die zich inzetten op spoedgevallen en intensieve zorg en dat er voor alle ASO loongarantie verstrekt wordt. Ook de problemen in de klinische biologie worden nog verder besproken.

 

We houden u op de hoogte.

 

 

 

 

ASGB-BERICHT

2020.104

 

De Vlaamse regering voert een bezuiniging door van 6% in het Impulsfonds.

Uit een eerdere studie wisten we al dat de vestigingspremie in zijn huidige vorm het probleem van het gebrek aan vestigingen in huisartsarme zones niet aanpakt.

O.a. daarom werd in overleg met de beroepsgroep in 2019 een document afgewerkt (‘Multidisciplinaire praktijkvormen en zorgcapaciteit ondersteunen’), waarin voorstellen staan om tot een andere definitie van huisartsarme zones te komen en de vestigingspremie op een andere manier toe te kennen.

2
ASGB-BERICHT

2020.112

 

Er is nu ook een oplossing beschikbaar voor artsen die niet beschikken over EMD-software om de elektronische formulieren in te vullen die nodig zijn om de contactopvolging te starten (en die de verplichte melding vervangen). 
Hieronder vindt u de instructies.

BELANGRIJK: Enkel gedurende de COVID19 crisis wordt de toepassing gratis aangeboden. Nadien wordt de Hector licentie geschrapt of indien gewenst omgezet in een betalende licentie (25€ per maand).

0
ASGB-BERICHT

2020.111

 

In de werkgroep klinische biologie van de TGR zijn momenteel deze dossiers voorwerp van discussie (screening na beenmergtransplantatie en respiratoir panel). Zie de documenten in bijlage.

Een beslissing werd uitgesteld in afwachting van voorstellen om beide dossiers (en de er aan verbonden vergoedingen) beter op mekaar af te stemmen.

Er is een aanzienlijke budgettaire impact en het risico op overconsumptie moet van in het begin beperkt worden.

 

Graag kregen we hiervoor uw input.

0