Terugbetalingsvoorwaarden voor een bloedtransfusie

ASGB-BERICHT 2019.018

 

Geachte collega

In het BS van 16/1/2019 verscheen een KB i.v.m. de terugbetalingsvoorwaarden voor een bloedtransfusie.

met collegiale groeten, het ASGB-bestuur

FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID

19 DECEMBER 2018. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 april 2010 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tussenkomt in de kosten van menselijk vol bloed en sommige labiele bloedproducten

FILIP, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, artikel 37, § 8, gewijzigd bij de wet van 24 december 1999;

Gelet op het koninklijk besluit van 20 april 2010 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tussenkomt in de kosten van menselijk vol bloed en sommige labiele bloedproducten;

Gelet op het advies van de Commissie voor begrotingscontrole, gegeven op 23 mei 2018;

Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging, gegeven op 28 mei 2018;

Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 26 juli 2018;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 25 september 2018;

Gelet op de adviesaanvraag binnen 30 dagen, die op 26 september 2018 bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2° van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn;

Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1. Artikel 5 van het koninklijk besluit van 20 april 2010 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen tussenkomt in de kosten van menselijk vol bloed en sommige labiele bloedproducten wordt vervangen als volgt:

"Art. 5. Indien het menselijk volbloed of de labiele bloedproducten zijn toegediend in een verplegingsinrichting, wordt de prijs ervan aangerekend op de verpleegnota door de verplegingsinrichting. De verplegingsinrichting is verplicht over documenten of verklaringen te beschikken waaruit blijkt dat het aan de verzekeringsinstellingen in rekening gebracht menselijk volbloed of labiele bloedproducten werkelijk werden toegediend; die documenten of verklaringen zijn ter beschikking van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering.

Met het oog hierop wordt elke toediening van menselijk volbloed of labiele bloedproducten aan een rechthebbende in een verplegingsinrichting, geattesteerd door de behandelende arts in de verplegingsinrichting.

Op dit attest worden minimaal de volgende gegevens vermeld: naam en voornaam rechthebbende, adres verzekeringsinstelling, toedienende arts, toedieningsdatum, aantal eenheden, codenummer."

Art. 2. Artikel 6 van hetzelfde besluit, wordt vervangen als volgt:

"Art. 6. Indien het menselijk volbloed of de labiele bloedproducten zijn toegediend door een arts buiten een verplegingsinrichting, wordt de prijs ervan door de bloedinstelling aangerekend aan de patiënt. De bloedinstelling is verplicht over documenten of verklaringen te beschikken waaruit blijkt dat het aan de verzekeringsinstellingen in rekening gebracht menselijk volbloed of labiele bloedproducten werkelijk werden toegediend; die documenten of verklaringen zijn ter beschikking van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering.

Met het oog hierop wordt elke toediening van menselijk volbloed of labiele bloedproducten aan een rechthebbende buiten een verplegingsinrichting, geattesteerd door de behandelende arts.

Op dit attest worden minimaal de volgende gegevens vermeld: naam en voornaam rechthebbende, adres verzekeringsinstelling, toedienende arts, toedieningsdatum, aantal eenheden, codenummer. De arts bezorgt een dubbel van dat attest aan de bloedinstelling."

Art. 3. De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, op 19 december 2018.

FILIP

Van Koningswege :

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,

M. DE BLOCK

2026.044

Correcties op de nomenclatuur inzake rusthuisbezoeken gepubliceerd

 

Op 22 april 2026 zijn een aantal KB’s en een interpretatieregel gepubliceerd die de in 2024 nieuw ingevoerde nomenclatuur voor bezoeken in een WZC corrigeren. Het gaat m.a.w. om nomenclatuurnummer 106610 en aanverwanten.

Sommige aanpassingen betreffen eerder ‘teksttoilet’ van de in 2024 gepubliceerde KB’s (gebruik van de juiste terminologie) maar twee punten zijn dermate belangrijk dat we ze nog eens uitdrukkelijk vermelden.

Eén gaat over het GMD van een WZC-patiënt en het ander over het zgn. ongewoon bezoek.

 

2026.043

Nieuwe huisartsennomenclatuur voor palliatieve zorg vanaf 1 juni '26

 

Op 20 april 2026 zijn drie KB’s in het Staatsblad gepubliceerd over de ondersteuning van de huisarts m.b.t. palliatieve patiënten.

Er worden (vanaf 1 juni 2026) twee forfaitaire honoraria ingevoerd die het opstellen van een ACP (advanced care planning) aanvullen:

2026.042

Nog twee aanmeldmomenten in 2026 voor de New Deal

 

In 2024 startte een nieuw financieringsmodel voor de huisartsgeneeskunde, naast de betaling per prestatie en het forfaitaire systeem: de New Deal. Dit systeem houdt het midden tussen de twee bestaande systemen en bestaat uit drie financieringsstromen: betaling per prestatie, capitatiefinanciering en premies.

Indien u zich nog wil aanmelden in 2026 voor dit systeem, zijn er nog twee momenten waarop dat kan: