Problemen met Rilatine MR*

ASGB-BERICHT 2012.010



Geachte Collega,

Door administratieve(!)  problemen is Rilatine MR tijdelijk niet leverbaar in België. Dit veroorzaakt belangrijke problemen voor de patiënten en hun ouders. Het is nog niet duidelijk hoelang dit probleem kan aanslepen.

Voor de terugbetaling van het alternatief Rilatine is een apart attest nodig. Normaal gezien mogen huisartsen dit niet aanvragen. Met de ziekenfondsen werd nu overeengekomen dat “in deze bijzondere omstandigheden” wordt toegestaan dat een huisarts een aanvraag doet op een z.g. “niet specifiek aanvraagformulier”, op voorwaarde dat er contact is geweest met de behandelende specialist over de dosis, die moet worden voorgeschreven. Er hoeft geen uitgebreid verslag te zijn, een e-mail volstaat (die u in het medisch dossier bewaart !).

Praktisch gezien is het eenvoudigste om via de website van het bcfi te gaan (www.bcfi.be). Bij Rilatine klikt u op het tekentje http://www.bcfi.be/Images/B4.gif. U klikt daarna op “niet specifiek aanvraagformulier” en vult dit in. Het paragraafnummer is § 3130200.

Aan de (kinder)psychiaters en neurologen zouden wij voorstellen om in het mailtje ook aan aantal aandachtspunten te vermelden i.v.m. eventuele problemen bij overschakeling van Rilatine MR naar Rilatine.

Met collegiale groeten, het ASGB-bestuur.

 

2026.088

Nieuwe verstrekking voor expertise op afstand in de dermatologie en venerologie

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd met nomenclatuur voor een nieuwe verstrekking voor expertise op afstand door een arts-specialist in de dermatologie en venerologie op vraag van de huisarts.

Het principe was al opgenomen in het akkoord 2022-2023 maar de uitwerking hiervan heeft heel wat voeten in de aarde gehad.

Het KB gaat in voege op 1 september 2026. 

Als bijlage bij dit bericht vindt u de integrale tekst ervan.

2026.086

Besparingsmaatregel inzake cardiale revalidatie vanaf 1 augustus 2026

 

Op 3 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel inzake cardiale revalidatie invoert vanaf 1 augustus 2026. Het gaat om een vermindering van de tarieven met 10%.

Deze maatregel werd niet besproken in de NCAZ of TGR maar werd ‘rechtstreeks’ beslist door het College van directeurs binnen het RIZIV.

De revalidatieverstrekkingen voor cardiale revalidatie die vóór 1 augustus 2026 verricht werden, kunnen evenwel nog aangerekend worden aan de tarieven die van toepassing zijn vóór 1 augustus 2026.

2026.085

Aanpassing patiëntengroepen laagvariabele zorg n.a.v. opsplitsing nomenclatuurnummer besnijdenis

 

Op 3 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat de patiëntengroepen voor de LVZ (laagvariabele zorg) wijzigt.

De aanleiding daartoe is het feit dat het nomenclatuurnummer voor de besnijdenis in twee afzonderlijke verstrekkingen werd opgesplitst sinds 1 juni 2026.

Als bijlage bij dit bericht vindt u de integrale tekst van het op 3 juli gepubliceerde KB.