Medische verkiezingen 2010.03 Mono- of multidisciplinair. Geneeskunde is een ploegsport*

ASGB-BERICHT 2010.118

Medische verkiezingen 2010.03 Kartel (ASGB/GBO)

Mono- of multidisciplinair? Geneeskunde is een ploegsport



De nakende verkiezingen volgen op een zoveelste turbulente periode in de (Vlaamse) huisartsgeneeskunde. Na de overname door zijn nieuwe beheerders veranderde het SVH plots van koers, trok zich terug uit het Kartel, en isoleerde zich als een populistische vereniging die hunkert naar de 'vrijheid' van 40 jaar geleden. Het zette zichzelf volledig buitenspel, en zag geleidelijk zijn aanhang verloren gaan. Er was de roep naar eenheid onder de huisartsen samen met de eis tot erkenning van monodisciplinaire syndicaten. Zonder vooraf bepaalde visie, reden waarom het ASGB toen afzijdig bleef van deze beweging. Van zodra een visie moest omschreven worden kwam de divergentie naar boven en eindigde de eenheid. Het ASGB bleef koersvast trouw aan zijn visie. De 'eenheidsbeweging' resulteerde in de Domus Medica, de fusie tussen de WVVH en UHAK. De succesvolle wetenschappelijke vereniging die wij in heel zijn geschiedenis steeds actief gesteund hebben eiste echter, vaak tegen de wil in van heel wat van de eigen leden, een autonome syndicale rol op en ging daarvoor een totaal ongeloofwaardige alliantie aan met het pseudomultidisciplinaire syndicaat Domino. Hiervan was één specialist lid, die tevens lid is van de BVAS en dus al van in het begin niet kon worden ‘meegeteld’, en die zich bovendien recent ook nog terugtrok. Het gevolg is intussen bekend. 



Het ASGB blijft bereid om actief samen te werken met Domus Medica om gemeenschappelijke programmapunten met meer daadkracht te kunnen realiseren maar is niet bereid om zijn toekomst en geloofwaardigheid lichtzinnig te grabbel te gooien. Voor het ASGB is immers de visie de essentie, en moet de kerntaak van een artsensyndicaat de beroepsverdediging van de artsen zijn: het bewaken van hun inkomen, maar ook van hun werkomstandigheden. Niet het belang van de eigen vereniging staat centraal. In een brief van 31/8/04 schreef het SVH ons dat 'het Kartel geen doel op zichzelf is maar wel een heel kostbaar werkinstrument om gemeenschappelijke doelstellingen te bereiken'.

We hadden het niet beter kunnen formuleren. Alleen houden wij ons daar ook aan.

Voor het ASGB primeert de belangenverdediging van alle artsen boven het gevecht tussen verenigingen waarbij al te dikwijls de man en niet de bal wordt gespeeld.



In de gezondheidszorg van de toekomst zal, meer nog dan vandaag, de huisarts een centrale rol moeten vervullen in nauwe samenwerking met diverse andere disciplines. Met een exclusief monodisciplinaire belangenverdediging zullen huisartsen altijd aan de verlieszijde staan. En dit niet alleen bij de budgetverdeling maar vooral bij het beveiligen van hun rol tegenover sommige specialistische verenigingen en de machtige ziekenhuislobby. De samenwerking tussen huisartsen en specialisten is van het allergrootste belang wil men de patiënt een kwaliteitsvolle, betaalbare en toegankelijke zorg aanbieden volgens het subsidiariteitsprincipe: de juiste zorg, op het juiste moment, door de juiste persoon, aan de juiste prijs. De organisatie en de financiering van de zorg kunnen o.i. niet losgekoppeld worden. Deze samenwerking wordt steeds belangrijker. Vandaag is dit voor het ASGB één van de topprioriteiten. Niet omdat het ASGB een gemengd syndicaat is. Het ASGB is een multidisciplinair syndicaat omdàt goede samenwerking tot betere zorg leidt, en de patiënt, de huisarts en de specialist er beter van worden. Met aparte huisartsen- en specialistensyndicaten (en allicht hun 30 subdisciplines?) en zonder interne cohesie zullen we snel verzeilen in een jungle van tegengestelde belangen en stellingenoorlogen. Met welke argumenten zou bv. de pediaters of de geriaters het recht op een eigen GMD voor kinderen resp. bejaarden moeten ontzegd worden? Waarom ons nog druk maken over zorgtrajecten zoals voor diabetes of chronische nierinsufficiëntie?



Toch is het juist dat het huidige systeem ook gebreken vertoont. Onze vertegenwoordigers in de diverse raden en commissies ondervinden meer dan eens, destijds zelfs ondanks onze numerieke meerderheid op de huisartsenbank, tegenwerking en blokkering bij specifieke of exclusieve huisartsenproblemen, denk maar aan de automatische GMD-verlenging. Oproepen tot deconventie, tot het onwettig innen van honorariasupplementen, tot een tabula rasa, zullen niet veel aarde aan de dijk zetten. Men vergeet dat het daarna jaren kan duren vooraleer nieuwe functioneringsmechanismen op poten staan.

Populisme werkt, maar meestal niet lang.

Indien u zich kunt vinden in onze ideeën en onze voorstellen, geef ons dan uw vertrouwen en

 stem KARTEL (ASGB/GBO), stem 2

 


2026.090

Nieuwe criteria voor zorgprogramma’s beroertezorg

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd i.v.m. de erkenningsnormen voor het zorgprogramma beroertezorg en de programmatie- en erkenningscriteria voor het zorgprogramma acute beroertezorg met invasieve procedures.

Het gaat om een nieuwe poging na voorafgaande vernietiging door de Raad van State, in een dossier dat al meer dan 10 jaar aansleept.

Het nieuwe KB, dat in voege treedt op 3 augustus 2026, hanteert als eerste basisprincipe het volgende minimale activiteitsniveau:

2026.089

Ambulante code van polysomnografie geschrapt vanaf 01/09/2026

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel in de inwendige geneeskunde doorvoert: het schrappen van de ambulante code van polysomnografie.

Het realiseren van een ambulante polysomnografie wordt immers in strijd geacht met de regels inzake de fysieke aanwezigheid van de arts zoals bepaald in artikel 1 van de nomenclatuur.

De verstrekking mag dus niet meer reglementair aangerekend worden.

Dit gaat in vanaf 1 september 2026.

2026.088

Nieuwe verstrekking klinische biologie (m.b.t. albuminurie) gepubliceerd

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een nieuwe verstrekking invoert vanaf 1 september 2026: ‘doseren van albumine door een immunologische methode evenals creatinine inclusief de berekening van de albumine-creatinine-ratio’.

Dit was al voorzien in het akkoord 2024-2025.

De specifieke doelgroep wordt omschreven en de frequentie wordt beperkt tot 1x per jaar.

Indien correct gebruikt, dan kan dit een belangrijke preventieve maatregel betekenen.

Voor diabetespatiënten was er al een verstrekking beschikbaar.