Pacta servanda sunt*

ASGB-BERICHT 2009.178

v:* {behavior:url(#default#VML);}
o:* {behavior:url(#default#VML);}
w:* {behavior:url(#default#VML);}
.shape {behavior:url(#default#VML);}

Normal
0

21

false
false
false

NL
X-NONE
X-NONE

MicrosoftInternetExplorer4

/* Style Definitions */
table.MsoNormalTable
{mso-style-name:Standaardtabel;
mso-tstyle-rowband-size:0;
mso-tstyle-colband-size:0;
mso-style-noshow:yes;
mso-style-priority:99;
mso-style-qformat:yes;
mso-style-parent:"";
mso-padding-alt:0cm 5.4pt 0cm 5.4pt;
mso-para-margin:0cm;
mso-para-margin-bottom:.0001pt;
mso-pagination:widow-orphan;
font-size:11.0pt;
font-family:"Calibri","sans-serif";
mso-ascii-font-family:Calibri;
mso-ascii-theme-font:minor-latin;
mso-fareast-font-family:"Times New Roman";
mso-fareast-theme-font:minor-fareast;
mso-hansi-font-family:Calibri;
mso-hansi-theme-font:minor-latin;
mso-bidi-font-family:"Times New Roman";
mso-bidi-theme-font:minor-bidi;}

Bijlage: images/stories/NCGZ 2009-76 GMD betalingsmodaliteiten 04-07.doc



Geachte Collega,

Op 17 december 2008 werd na lange discussies het Nationaal Akkoord Geneesheren-Ziekenfondsen 2009-2010 afgesloten. Zulk akkoord is telkens een compromis waarin alle partijen binnenhalen en toegeven. Formeel wordt het afsluiten onthaald op applaus van vertegenwoordigers van de artsen en de ziekenfondsen – ook van Dr. Lemye, voorzitter BVAS-Absym, en ondertekend door de voorzitters van de betrokkenen partijen – ook Dr. Lemye. Een ondertekend akkoord is geen gentlemen’s agreement maar een formele verbintenis die aan de artsen ter ondertekening wordt voorgelegd. Wie toetreedt tot het akkoord mag terecht rekenen op een correcte uitvoering ervan.

Het akkoord bevat meerdere passussen over de automatische verlenging van het GMD en de harmonisering van het GMD-forfait met de zorgtrajecten en de onderhandelde preventiemodule in het GMD (7.1[i], 7.2[ii], 7.2.2[iii], 7.3.[iv]2, 7.3.3[v] en 14.2[vi]).

Maar bij de invulling hiervan blijken de gentlemen afwezig.

Dr. Lemye, onderhandelaar en ondertekenaar van het akkoord, weigert ten individuele titel zijn eigen onderhandelde akkoord. Dat is zijn goede recht, maar het is wel uiterst merkwaardig.  

Na maanden onderhandelen blijft hij, hierin gevolgd door Dr. Moens, ondervoorzitter, de toepassing blokkeren van de bepalingen van het akkoord die hem niet zinnen. Naar eigen zeggen om ideologische redenen. Dat is niet zijn goede recht, dat is absoluut abject.

Elke huisarts weet dat de huidige procedure van de GMD-verlenging oorzaak is van talloze vergissingen, en het beheer wordt totaal chaotisch na koppeling van de preventiemodule. Het  akkoord bepaalt dat het preventiedossier alleen mogelijk is bij GMD-patiënten en in derde betalersregeling moet betaald worden, en automatisch moet verlengd worden gedurende 4 jaar. Als er in een jaar geen patiëntencontact is geweest, dan eindigt ook het preventiedossier. Uit de bijgevoegde nota blijkt zeer duidelijk dat de huisartsen helemaal niet 'zweren bij cash-betaling' zoals Dr. Moens ons recent wilde laten geloven. De meerderheid der GMD-honoraria wordt vandaag hetzij via derde betaler hetzij rechtstreeks door de VI's betaald via de administratieve verlenging (zelfs een grote meerderheid in Wallonië en Brussel). Bijna alle huisartsen die een GMD beheren, dus ook die van de BVAS, hebben GMD's die  automatisch door de VI betaald worden (ideologie?).

De top van het Riziv en de bevoegde minister kunnen niet lijdzaam blijven toezien hoe de rechten verder ontnomen worden van de collega’s die het conventiesysteem schragen.

Ofwel past men akkoorden toe, ofwel stopt men met dit overlegorgaan.

Pacta servanda sunt.

Paul Putzeys


[i] 7.1. De NCGZ versterkt en verbreedt haar beleid omtrent het globaal medisch dossier. De NCGZ wil de centrale rol van de huisarts in de preventie ondersteunen en daarbij het globaal medisch dossier als centraal preventie-instrument inschakelen: ze zal daartoe een geïntegreerd voorstel uitwerken tegen 1 juli 2009.

Voor deze maatregelen is in totaal 24,097 miljoen euro voorzien

[ii] 7.2. Versterking en verbreding van het GMD

        [iii] 7.2.2. Vlottere aanrekening en betaling  van het GMD-honorarium  

        Om de drempel voor het aanrekenen van het GMD zowel voor de patiënt als voor de huisarts zoveel mogelijk te verlagen, gelast de NCGZ een werkgroep voorstellen te formuleren met betrekking tot         de  uitbreiding en versterking van het systeem van de sociale derdebetaler, de elektronische overmaking van facturatiegegevens en de snellere betaling door de verzekeringsinstellingen aan de                 huisartsen.

        De NCGZ zal een voorstel uitwerken op basis waarvan de regeling betreffende de administratieve verlenging van het GMD aangepast wordt tot een systeem van een meer automatische verlenging         met het oog op een snellere betaling van het honorarium voor het verlengen van het beheer van het GMD .

[iv] 7.3.2.  De praktische organisatie van de rol van de huisarts in de preventieve zorg voor de gezondheid van zijn patiënt

De TGR zal de modaliteiten van een preventiemodule voor de huisarts ontwikkelen, die de volgende elementen bevatten:

·         het starten van de preventie-module tussen de huisarts en zijn patiënt;

·         het beheer van de module;

·         de duur van de module;

·         het verderzetten van de module na het eerste jaar.

De TGR ontwikkelt deze modaliteiten met het oog op de implementatie ervan in het elektronisch medisch dossier, zonder dat dit het gebruik van de module door niet-geïnformatiseerde huisartsen in het gedrang brengt.

De Nationale Raad voor Kwaliteitspromotie (NRKP) zal aanbevelingen opstellen betreffende de meetbare preventieve objectieven die voor elke  doelgroep worden vooropgesteld.

De regelgeving zal ten slotte de implicaties van het starten en verlengen van een preventiemodule voor het openen en verlengen van het beheer van het globaal medisch dossier preciseren.

De NCGZ zal bijkomende maatregelen ontwikkelen ter bevordering van het gebruik van het elektronisch medisch dossier. De NCGZ dringt er bij de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu op aan in het eerste semester van 2009 over te gaan tot de registratie van de groepspraktijken van huisartsen, zodat de incentives in het kader van de preventie-module alsook deze in het kader van de zorgtrajecten ook kunnen worden toegekend indien een patiënt een beroep op een andere huisarts van de groepspraktijk dan de huisarts die zijn globaal medisch dossier beheert.

 [v] 7.3.3. Honoraria voor de huisarts

De huisarts die de start van een preventiemodule met zijn patiënt die een GMD heeft meedeelt aan diens verzekeringsinstelling, ontvangt daarvoor van de VI  met toepassing van een specifieke code een jaarlijks forfaitair preventiehonorarium dat in 2009 10 euro bedraagt, als bijkomend honorarium bij het honorarium voor het beheer van het globaal medisch dossier.

In samenhang met de bestaande nomenclatuur inzake het globaal medisch dossier werkt de TGR een geïntegreerd voorstel uit waarbij :

·         de betaling van het eerste forfaitair preventiehonorarium afhankelijk is van het in kennis stellen van de verzekeringsinstelling van de start van de preventiemodule;

·         het forfaitair preventiehonorarium voor de volgende 2 jaren automatisch betaald wordt door de verzekeringsinstelling;

·         het forfaitair honorarium voor het daaropvolgende jaar wordt betaald na ontvangst door de verzekeringsinstellingen  van de update van de preventiemodule.

 Daartoe zullen gegevens over de in het kader van de preventiemodule verrichte activiteiten worden verzameld op de door de NCGZ bepaalde wijze.

[vi] 14.2. Sociale derdebetaler

Met het oog op het verzekeren van een optimale toegankelijkheid van de zorg voor bepaalde groepen verzekerden zal vanaf midden 2009 de regeling derde betalende, voorzien in het KB van 10 oktober 1986, worden toegepast voor de honoraria met betrekking tot het globaal medisch dossier, met en zonder preventiemodule, waarom de patiënt verzoekt alsook voor de honoraria in het kader van zorgtrajecten.

De verzekeringsinstellingen verbinden zich ertoe een gemeenschappelijke en eenvoudige procedure te ontwikkelen om een snelle uitbetaling van de verschuldigde honoraria te verzekeren.

2026.049

Pijntherapie en rugchirurgie: reactie ASGB op de Pano-reportage

 

Als syndicaat betreuren we de commotie die vorige week ontstaan is n.a.v. verschillende persberichten en reportages over pijntherapie en rugchirurgie. Halsoverkop en emotioneel reageren helpt niemand vooruit, maar nu het stof weer is gaan liggen, is het wel tijd voor duidelijke en gedragen standpunten.

2026.048

Nieuwe vergoedingsregels bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie

 

Op 4 mei 2026 werd een Ministerieel Besluit gepubliceerd i.v.m. de tegemoetkoming voor invasieve hulpmiddelen bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie.

Het besluit bevat criteria die gelden voor de verplegingsinrichting, voor de patiënt en voor het hulpmiddel zelf.

Daarnaast bevat het regels over de attestering en de aanvraagprocedure.

Het besluit is in voege getreden op 1 april 2026. 

In de pdf als bijlage bij dit bericht vindt u de tekst ervan. 

2026.047

Nieuwe nomenclatuur i.v.m. spirometrie en ergospirometrie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB met besparingsmaatregelen i.v.m. spirometrie en ergospirometrie gepubliceerd.

Aanleiding was de vaststelling door de DGEC van een reeks niet-conforme aanrekeningen en cumuls (waarover ook heel wat discussie bestond).

Het Kartel heeft de aandacht gevestigd op de onderwaardering van de ergospirometrie en vroeg daarvoor een beperkt bijkomend budget in de behoeftenfiches voor 2026 (zie wordfile als bijlage bij dit bericht). 

We werden daarin echter niet gevolgd door de andere partners.