Werking hoge raad en erkenningscommissies

ASGB-BERICHT 2009.011



 

 

Geachte Collega,





In het BS van 9/1/09 verscheen een wet die enkele wijzigingen aanbrengt in de werkingsprocedures van de Hoge Raad en van de erkenningscommissies.

Deze wet beoogt tegemoet te komen aan het geregeld voorkomende probleem dat een erkenningscommissie een erkenning weigert en dat vervolgens de Hoge Raad in beroep de erkenning toch toekent, meestal o.b.v. procedurekwesties.

Of de volksgezondheid daarmee steeds gediend werd is een terechte vraag.


 

met collegiale groeten, het ASGB-bestuur.

 

 


Publicatie: 2009-01-09

                                                                            

FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN  

EN LEEFMILIEU                                

                                                                            



10 DECEMBER 2008. - Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 april 1983 tot vaststelling van de nadere regelen voor erkenning van geneesheren-specialisten en van huisartsen, teneinde criteria in te voeren waaraan een tegensprekelijk debat tussen de kamers van de erkenningscommissies van geneesheren-specialisten en de Hoge Raad van       geneesheren-specialisten en huisartsen moet voldoen



ALBERT II, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt :

Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2. In artikel 6, § 4, van het koninklijk besluit van 21 april 1983 tot vaststelling van de nadere regelen voor erkenning van geneesheren-specialisten en van huisartsen, worden na de woorden « aangewezen door de minister », de woorden « , van wie ten minste één jurist per taalrol » ingevoegd.

Art. 3. In artikel 6, § 1, van hetzelfde koninklijk besluit wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende :

« Ten minste vijfenzeventig percent van de leden bedoeld in het eerste lid beoefenen actief hun respectieve disciplines. De activiteit van het lid wordt geëvalueerd op het moment van zijn benoeming. Het lid dat beschouwd wordt als zijnde actief behoudt deze hoedanigheid tot bij het aflopen van zijn mandaat. De minister stelt de criteria voor de evaluatie van die activiteit vast. »

Art. 4. In artikel 7, § 7, van hetzelfde koninklijk besluit worden na de woorden « aangewezen door de minister », de volgende zinnen toegevoegd : « De secretaris zorgt voor de administratieve en juridische begeleiding van de dossiers die voor advies aan de kamers van de erkenningscommissies worden voorgelegd en doet een beroep op de juridische experts van de administratie om de dossiers voor te bereiden en te onderzoeken. De minister kan het ambt van secretaris van de kamer van de erkenningscommissie beschrijven. »

Art. 5. In artikel 32 van hetzelfde koninklijk besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 16 maart 1999 en koninklijk besluit van 10 februari 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

A. In § 1 wordt tussen het tweede en het derde lid een lid ingevoegd, luidende :

« In elk geval wijst de kamer van de Hoge Raad ook twee geneesheren aan, die erkend en actief zijn in de specialiteit in kwestie om aan zijn beraadslaging deel te nemen met raadgevende stem. »

B. In § 1, derde lid, dat het vierde lid wordt, wordt de zin « Die geneesheer-verslaggever wordt door de commissie aangewezen uit de actieve leden waaruit zij samengesteld is » ingevoegd tussen de eerste en de tweede zin.

C. In § 2, tweede zin, worden de woorden « , alsook de elementen die door de geneesheer-verslaggever bedoeld in § 1, vierde lid, zijn voorgesteld en de motivering van het advies of de betwiste beslissing. » ingevoegd na het woord « beantwoorden ».

D. In § 2, derde zin, worden de woorden « , zowel over de inhoud van het dossier als over de vorm en de gebruikte procedures » ingevoegd na het woord « geheel ».

Art. 6. Deze wet treedt in werking op de eerste dag van de derde maand die volgt op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

De bepalingen van artikel 3 zijn slechts van toepassing na afloop van de termijn van zes jaar van de lopende mandaten bedoeld in artikel 6, § 1, het vroegere tweede lid, dat het derde lid wordt, van het koninklijk besluit van 24 april 1983 tot vaststelling van de nadere regelen voor de erkenning van geneesheren-specialisten en van huisartsen.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 10 december 2008.

ALBERT

Van Koningswege :

De Vice-Eerste Minister en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,

Mevr. L. ONKELINX

Met 's Lands zegel gezegeld :

De Minister van Justicie,

J. VANDEURZEN

2026.090

Nieuwe criteria voor zorgprogramma’s beroertezorg

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd i.v.m. de erkenningsnormen voor het zorgprogramma beroertezorg en de programmatie- en erkenningscriteria voor het zorgprogramma acute beroertezorg met invasieve procedures.

Het gaat om een nieuwe poging na voorafgaande vernietiging door de Raad van State, in een dossier dat al meer dan 10 jaar aansleept.

Het nieuwe KB, dat in voege treedt op 3 augustus 2026, hanteert als eerste basisprincipe het volgende minimale activiteitsniveau:

2026.089

Ambulante code van polysomnografie geschrapt vanaf 01/09/2026

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel in de inwendige geneeskunde doorvoert: het schrappen van de ambulante code van polysomnografie.

Het realiseren van een ambulante polysomnografie wordt immers in strijd geacht met de regels inzake de fysieke aanwezigheid van de arts zoals bepaald in artikel 1 van de nomenclatuur.

De verstrekking mag dus niet meer reglementair aangerekend worden.

Dit gaat in vanaf 1 september 2026.

2026.088

Nieuwe verstrekking klinische biologie (m.b.t. albuminurie) gepubliceerd

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een nieuwe verstrekking invoert vanaf 1 september 2026: ‘doseren van albumine door een immunologische methode evenals creatinine inclusief de berekening van de albumine-creatinine-ratio’.

Dit was al voorzien in het akkoord 2024-2025.

De specifieke doelgroep wordt omschreven en de frequentie wordt beperkt tot 1x per jaar.

Indien correct gebruikt, dan kan dit een belangrijke preventieve maatregel betekenen.

Voor diabetespatiënten was er al een verstrekking beschikbaar.