Verpleegkundig dossier ziekenhuizen

ASGB-BERICHT 2007.033



ASGB-bericht2007.033/Verpleegkundig dossier ziekenhuizen - 22 februari 2007

 

Geachte Collega,



In het BS van 30/1/2007 verscheen een KB i.v.m. de minimumvoorwaarden voor het verpleegkundig dossier in de ziekenhuizen.



met collegiale groeten, het ASGB-bestuur.



 

Publicatie: 2007-01-30

 

FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN

EN LEEFMILIEU



28 DECEMBER 2006. - Koninklijk besluit houdende bepaling van de algemene minimumvoorwaarden waaraan het verpleegkundig dossier, bedoeld in artikel 17quater van de wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd op 7 augustus 1987, moet voldoen

 

ALBERT II, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd op 7 augustus 1987, inzonderheid op artikel 17quater, ingevoegd bij de wet van 29 december 1990 en gewijzigd bij de wet van 29 april 1996;

Gelet op het koninklijk besluit van 23 oktober 1964 tot bepaling van de normen die door de ziekenhuizen en hun diensten moeten worden nageleefd, inzonderheid op de bijlage, « Algemene normen die op al de inrichtingen toepasselijk zijn », rubriek « II Functionele normen », 8°, ingevoegd bij koninklijk besluit van 14 augustus 1987;

Gelet op het advies van de Nationale Raad voor Ziekenhuisvoorzieningen van 11 mei 2006;

Gelet op het advies van de Nationale Raad voor Verpleegkunde van 20 juni 2006;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën van 1 september 2006;

Gelet op het advies nr. 41.443/3 van de Raad van State, gegeven op 24 oktober 2006 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Artikel 1. § 1. In een ziekenhuis, zoals bedoeld in artikel 2 van de wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd op 7 augustus 1987, wordt voor elke patiënt een verpleegkundig dossier aangelegd. Dit dossier vormt samen met het medisch dossier het patiëntendossier.

§ 2. Het verpleegkundig dossier mag bijgehouden en bewaard worden onder elektronische vorm, mits voldaan wordt aan alle in dit besluit gestelde voorwaarden. De Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft kan praktische modaliteiten bepalen betreffende de elektronische uitwisseling van gegevens uit het verpleegkundig dossier en betreffende de elektronische archivering en de digitale omzetting van de documenten van het verpleegkundig dossier.

§ 3. Het verpleegkundig dossier dient gedurende minstens 20 jaar in het ziekenhuis bewaard te worden.

Art. 2. § 1. Het verpleegkundig dossier is de weerslag van het verpleegproces en is een instrument dat toelaat de continuïteit in de verpleegkundige zorg te waarborgen.

§2. Het verpleegkundig dossier bevat ten minste de volgende documenten en gegevens :

1° de identiteit van de patiënt;

2° de verpleegkundige anamnese, met name alle elementen die tot doel hebben de leefgewoonten van de patiënt te identificeren, de evaluaties, de evoluties, de huidige en potentiële wijzigingen van zijn behoeften alsook alle elementen ter voorbereiding op zijn ontslag;

3° de medische en paramedische informatie die nodig is om de kwaliteit en de continuïteit van de verpleegkundige zorg aan de patiënt te verzekeren;

4° de voorgeschreven medische behandelingen, met name de medicamenteuze toedieningen, de diagnostische onderzoeken, de technische verstrekkingen en de toevertrouwde handelingen;

5° het verpleegplan, met name het document dat het klinisch oordeel van de verpleegkundige omschrijft bij de benadering van gezondheidsproblemen die voortvloeien uit zijn/haar specifieke verantwoordelijkheid. Het verpleegplan bestaat uit verpleegproblemen en/of verpleegdiagnoses, de doelstellingen, de verwachte resultaten en verpleegkundige interventies;

6° de verpleegplanning die een lijst is van de geplande en al dan niet verstrekte zorgen, overeenkomstig het verpleegplan en de voorgeschreven behandelingen;

7° de gestructureerde observatienota's die de evaluatie van de bereikte resultaten documenteren en die de opvolging van de problemen en verwachtingen van de patiënt verzekeren;

8° een afschrift van het verpleegkundig ontslagrapport.

Art. 3. Het beheer van de informatie bedoeld in artikel 2, § 2, 2°, 5°, 6°, 7°, 8°, valt onder de verantwoordelijkheid van de verpleegkundige.

Art. 4. § 1. Het in artikel 2, § 2, 8°, bedoelde verpleegkundig ontslagrapport bevat alle elementen die onontbeerlijk zijn voor het verzekeren van de continuïteit van de verpleegkundige zorg.

§ 2. Het in artikel 2, § 2, 8°, bedoelde verpleegkundig ontslagrapport wordt :

1° hetzij aan de patiënt meegegeven;

2° hetzij bezorgd aan de behandelende gezondheidszorgberoepsbeoefenaar of aan de gezondheidszorgberoepsbeoefenaar die door de patiënt is aangewezen.

Art. 5. Het verpleegkundig dossier moet de verpleegkundige aanpak getrouw weergeven.

Art. 6. Het verpleegkundig dossier vormt de basis voor de registratie van de Minimale Verpleegkundige Gegevens, bedoeld in de artikelen 2, 3bis en 7ter van het koninklijk besluit van 6 december 1994 houdende bepaling van de regels volgens welke bepaalde statistische gegevens moeten worden meegedeeld aan de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft.

Art. 7. De dossiers van alle patiënten die de dienst verlaten hebben worden geklasseerd en bewaard in een verpleegkundig archief dat bij voorkeur centraal en elektronisch, of minstens op het niveau van de dienst wordt gegroepeerd met een uniek nummer per patiënt binnen het ziekenhuis. De dossiers moeten steeds geraadpleegd kunnen worden door de verpleegkundigen die betrokken zijn bij de verzorging van de patiënt.

Art. 8. § 1. In het koninklijk besluit van 23 oktober 1964 tot bepaling van de normen die door de ziekenhuizen en hun diensten moeten worden nageleefd, wordt het tweede punt 8° van de bijlage « Algemene normen die op al de inrichtingen toepasselijk zijn », rubriek « II Functionele normen », ingevoegd bij koninklijk besluit van 14 augustus 1987, vernummerd tot punt 9°.

§ 2. Punt 9° van diezelfde bijlage, zoals vernummerd door § 1, wordt opgeheven.

Art. 9. Dit besluit treedt in werking zes maanden nadat het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 10. Onze Minister van Volksgezondheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 28 december 2006.

ALBERT

Van Koningswege :

De Minister van Volksgezondheid,

R. DEMOTTE



 





 

2026.093

Nieuw KB over verpleegkundige handelingen binnen een zorgteam

 

In een gestructureerd zorgteam werken verschillende gezondheidzorgbeoefenaars samen rond de patiënt.

Dankzij duidelijke afspraken en een wettelijk kader kunnen bepaalde verpleegkundige handelingen worden gedelegeerd aan bepaalde gezondheidzorgbeoefenaar met de juiste competenties en vaardigheden, aldus een communicatie van de FOD.

2026.092

Aanpassing forfaitaire honoraria klinische biologie vanaf 1 augustus 2026

 

Op 14 juli 2026 werd een KB gepubliceerd inzake forfaitaire honoraria klinische biologie.

Het gaat om een aanpassing - vanaf 1 augustus 2026 - van de forfaitaire honoraria per voorschrift in het kader van een (nogal ingewikkelde) besparingsmaatregel voor een totaal van 22,490 miljoen. 

Van een initiële grotere lineaire besparing wordt een deel geherinvesteerd in de ziekenhuizen. Het gaat hierbij om twee onderdelen. 

2026.091

Assimilaties opladen voor RIZIV-sociaal statuut 2025 kan nog tot 30 september 2026

 

De bedragen van het RIZIV-sociaal statuut voor 2025 werden pas eind juli 2026 opgeladen in ProGezondheid, een maand later dan anders.

Het RIZIV heeft daarom op 31 juli jl. laten weten dat u ook een maand langer dan anders, dus tot 30 september i.p.v. 31 augustus, de tijd krijgt om aanpassingen te doen in Pro Gezondheid.